Nadat je je hebt voorbereid op OC, is het tijd om echt aan de slag te gaan. De belangrijkste strategie die we inzetten bij OC is modelleren. Dit noemen we ook wel ondersteunde taalstimulatie. Modelleren pas je toe gedurende het hele OC-traject. Zodra je hebt geleerd te modelleren, gebruik je deze strategie regelmatig ter ondersteuning van de ontwikkeling van de taal- en communicatievaardigheden van de OC-gebruiker. 

Wat is modelleren?

Modelleren betekent simpelweg dat we zelf het OC-systeem inzetten om met de OC-gebruiker te praten. Het is namelijk essentieel dat beginnende gebruikers zien hoe hun OC-systeem ingezet kan worden in dagelijkse communicatie. Terwijl we praten, wijzen of tikken we de woorden aan op het systeem. Door woorden te modelleren in situaties die dagelijks voorkomen helpen we de OC-gebruiker de betekenis van de woorden te leren. Je laat de OC-gebruiker namelijk zien waar de woorden in het systeem te vinden zijn en hoe je ze combineert om een boodschap over te brengen.

In het begin kan modelleren lastig en onhandig aanvoelen. Maar zet je twijfels opzij en probeer het: iets modelleren is beter dan niets modelleren. Begin eenvoudig. Als je het dagelijks doet, neemt je vaardigheid vanzelf toe. Elke keer dat je modelleert, gaat het makkelijker. Maar het allerbelangrijkste is dat je gewoon begint.

In dit artikel bespreken we de verschillende aspecten van modelleren en de manier waarop je de taalontwikkeling van de OC-gebruiker optimaal stimuleert. Bovendien geven we je tips en trucs voor modelleren en helpen we je hindernissen of zorgen weg te nemen.

Waarom is modelleren zo onmisbaar?

Beginnende OC-gebruikers moeten eerst zien hoe hun systeem in de praktijk werkt. We verwachten immers van een kind zonder beperkingen ook niet dat hij gaat praten zonder dat hij volwassenen in zijn omgeving heeft zien en horen spreken. Op dezelfde manier mogen we niet van een OC-gebruiker verwachten dat hij uit zichzelf uitzoekt hoe hij kan communiceren via zijn systeem als anderen het niet voordoen. Wanneer we modelleren ziet de OC-gebruiker hoe we het systeem in de praktijk gebruiken, voor echte communicatie. OC-gebruikers hebben veel voorbeelden nodig voordat ze hebben geleerd om het OC-systeem op de juiste manier in te zetten.

Als de gebruiker niet overweg lijkt te kunnen met zijn/haar systeem, moeten alle betrokken teamleden eerst de eigen modelleervaardigheden kritisch bekijken. Als ze te weinig modelleren, stagneert de vooruitgang en blijft succesvolle communicatie uit.

Wie modelleren er?

Alle teamleden moeten modelleren voor de OC-gebruiker. Ook leeftijdsgenoten, klasgenoten en broers en/of zussen kunnen meedoen. Als het team zich gezamenlijk inzet om goed te modelleren, betekent dat meer kansen en succeservaringen voor de OC-gebruiker. Ondersteun en stimuleer elkaar zodat iedereen met vertrouwen en zonder angst leert modelleren.

Wanneer modelleer je?

Als OC altijd beschikbaar is kun je op elk moment modelleren. Je hoeft je niet te beperken tot het moment dat je iets uitlegt, de pauze of het kringgesprek.  Zo kun je ook modelleren als je tegen de andere leerlingen praat. De kracht van betekenisvolle communicatie krijgen OC-gebruikers pas te zien als je echte boodschappen modelleert tijdens natuurlijke interactie en gesprekken.

Hoe vaak modelleer je?

Het is belangrijk om zo vaak mogelijk te modelleren. Ga maar eens na hoe lang een gebruiker erover zou doen om het OC-systeem onder de knie te krijgen als we maar een paar keer per dag of per week zouden modelleren. 

Welke systemen zijn geschikt voor modelleren?

Op deze vraag bestaat geen goed of fout antwoord. Modelleer in elk geval op het OC-systeem dat op dat moment beschikbaar is. Dat kan een hightechsysteem zijn of een light-tech variant ervan. Misschien is het wel een papieren variant, zoals een grote poster. Als de OC-gebruiker het toestaat, kun je op zijn/haar persoonlijke systeem modelleren. Natuurlijk kun je het best modelleren op een systeem dat vrijwel identiek is aan dat van de OC-gebruiker, met dezelfde symbolen en navigatie die hij/zij zelf gebruikt. Maar die mogelijkheid is niet altijd voorhanden. Misschien moet je modelleren in een klas waarin de leerlingen allemaal een ander OC-systeem gebruiken, of is er geen budget voor twee exemplaren van een hightechsysteem. In dat geval werk je met wat er beschikbaar is. Waar mogelijk laat je daarna de stappen zien op het persoonlijke systeem van de OC-gebruiker zodat hij/zij dit kan toepassen.

Hoeveel woorden modelleer je?

Over het algemeen laat je je modelleergedrag aansluiten op het taalniveau van de OC-gebruiker. Dat wil zeggen dat je één of twee woorden meer modelleert dan hij/zij op het OC-systeem aanwijst.

  • Beginnende OC-gebruikers gebruiken hun OC-systeem misschien nauwelijks. Ze wijzen nog niets aan, of kunnen hooguit één woord per keer aanwijzen. Voor hen modelleer je losse woorden, afgewisseld met korte zinnetjes van twee à drie woorden. 
  • Voor gebruikers die één à twee woorden kunnen uiten met behulp van hun OC-systeem zijn drie tot zes woorden toereikend. 
  • Voor gebruikers die het bovenstaande niveau al hebben bereikt, kun je langere zinnen modelleren. Combineer bijvoorbeeld meerdere ideeën in één zin, en modelleer grammatica en ingewikkelde zinsconstructies.

Welke woorden modelleer je?

Een uitgebalanceerd OC-systeem bevat zowel kernwoorden als randwoorden. Die stellen je in staat om zowel algemene als specifieke woorden te modelleren waarmee een OC-gebruiker zich tijdens elke activiteit of ervaring effectief kan uitdrukken. Met behulp van een gevarieerd woordgebruik ontdekt de gebruiker de verschillende redenen om te communiceren, oftewel alle communicatieve functies. Zo leer je hem/haar de woorden waarmee hij/zij meer kan bereiken dan alleen iets verkrijgen. Dus modelleer bijvoorbeeld commentaar en gedachten, en stel niet alleen maar vragen aan de OC-gebruiker.

Het is belangrijk dat je betekenisvolle woorden kiest die motiverend werken voor de OC-gebruiker. Modelleer woorden en woordcombinaties die regelmatig voorkomen zodat de OC-gebruiker zoveel mogelijk praktijkvoorbeelden te zien krijgt.

In de AssistiveWare Core Word Classroom (Engelstalig) vinden jij en je team diverse voorbeelden om te modelleren in allerlei situaties.

Modelleer sleutelwoorden, geen hele zinnen en grammatica

In het begin is het niet nodig elk woord dat je zegt met de bijbehorende grammatica te modelleren. 

Richt je voornamelijk op de sleutelwoorden van de zin. Zo gebruik je automatisch de woorden die cruciaal zijn om de boodschap goed over te brengen. Stel dat je de volgende zin modelleert: 'ik banaan kopen winkel'. Dit klopt grammaticaal niet helemaal, maar de boodschap is duidelijk. Zeker in de context van een gesprek over wat je die ochtend hebt gedaan.

Door sleutelwoorden te modelleren laat je op een doeltreffende manier zien hoe je woorden combineert tot zinnen, oftewel taal gebruikt, zonder dat je kennis of begrip van grammatica nodig hebt. Toch maken we ons in het begin vaak onnodig zorgen dat we onjuiste grammatica modelleren. Laat het los!

Het is logisch om eerst sleutelwoorden te modelleren en daarna pas grammaticaal correcte zinnen te vormen. Dit is waarschijnlijk ook de manier waarop OC-leerlingen hun taalvaardigheid ontwikkelen. Eerst spreken en communiceren ze met behulp van sleutelwoorden en pas later gaan ze zinnen samenstellen. Eigenlijk op de manier zoals elk mens dat doet. Na verloop van tijd en na voldoende voorbeelden zal de grammaticale kennis van de gebruiker zich ontwikkelen, mits het OC-systeem die grammaticale mogelijkheden aanbiedt.

Spreek de boodschap correct uit

Het is geen probleem om één of twee woorden op het OC-systeem te modelleren (of meer als je die nodig hebt) en de rest van de woorden zelf uit te spreken. Modelleer bijvoorbeeld de woorden 'ik banaan kopen winkel' op het OC-systeem, waarbij je tegelijkertijd zegt 'Ik heb bananen gekocht in de winkel'.

Modelleer correcte grammatica

Als de OC-gebruiker er klaar voor is kun je de juiste grammaticale vormen modelleren. Een voorbeeld: als je OC-gebruiker met behulp van het OC-systeem 'ik koop banaan' zegt om te vertellen wat hij/zij heeft gedaan, is dit een uitgelezen kans om te modelleren. Laat zien met behulp van de grammaticale ondersteuning waar de werkwoordvervoeging 'kocht' te vinden is of modelleer korte woorden zoals 'een' of 'de'. Zo modelleer je de eerstvolgende stap in het leerproces van de OC-gebruiker.

Uitdagingen van modelleren

Soms verloopt modelleren niet zo soepel als je zou willen. Hieronder bespreken we een aantal veelvoorkomende uitdagingen en mogelijke oplossingen.

  • Elk woord willen modelleren. Zoals we al eerder hebben uitgelegd, loop je het risico vast te lopen zodra je elk woord dat je uitspreekt wil modelleren. Dit maakt modelleren onnodig moeilijk. Het is veel makkelijker om het modelleren aan te laten sluiten op de expressieve woordenschat van de OC-gebruiker.
  • Fouten maken tijdens modelleren. Tijdens het modelleren maken we geregeld fouten. We wijzen bijvoorbeeld het verkeerde woord aan. Maar het is juist goed om je OC-gebruiker te laten zien dat het ook wel eens mis kan gaan als je praat.
  • De OC-gebruiker kijkt niet mee. Soms kijkt de OC-gebruiker niet naar jou of naar het OC-systeem wanneer je modelleert. Dat geeft niet. Iedereen heeft immers verschillende manieren om informatie tot zich te nemen. Sommige gebruikers kunnen niet tegelijkertijd kijken en luisteren. Verwacht en eis dit dus niet van hen. Anderen kijken vanuit hun ooghoeken toe wanneer je modelleert. Weer anderen zijn slechts in staat om met tussenpozen naar je te kijken. Zelfs zonder gerichte aandacht zal een beginner na verloop van tijd het modelleren oppikken. Blijf modelleren, ook al kijkt de OC-gebruiker niet. Zo hou je je gewoonte in stand en oefen je om woorden te vinden.
  • De OC-gebruiker reageert niet. Een OC-gebruiker reageert lang niet altijd op dat wat je modelleert. Een van de moeilijkste dingen is om te modelleren zonder iets terug te verwachten. Dat werkt als volgt: je modelleert een woord voor je OC-gebruiker en wacht even zodat hij/zij de kans krijgt om de gespreksbeurt over te nemen. Krijg je geen reactie, dan ga je simpelweg verder met de activiteit en modelleer je de volgende woorden. Sommige OC-gebruikers moeten woorden heel vaak zien en horen voordat ze ze daadwerkelijk zelf kunnen gebruiken.
  • Uitsluitend communiceren om iets te verkrijgen. Een grote valkuil is dat we blijven hangen in modelleren om iets of iemand te verkrijgen: 'ik wil__'. Je kunt veel meer bereiken met taal en communicatie dan alleen simpelweg om iets vragen. Het is belangrijk dat je taal modelleert voor verschillende boodschappen en communicatieve functies.
  • De OC-gebruiker hoeft je niet te herhalen. OC-gebruikers hoeven de woorden die je modelleert niet na te doen of te herhalen. Luisteren en kijken is al genoeg. Zoek in plaats daarvan naar leuke manieren en activiteiten waarmee je hen motiveert om de gespreksbeurt over te nemen.
  • Stop niet met modelleren. Naarmate gebruikers zelfstandiger overweg kunnen met het OC-systeem zien we vaak dat de mensen in hun omgeving minder modelleren of er zelfs mee stoppen. Dat is jammer! Nu heb je de kans om langere zinnen, grammaticale vormen, of zinnen waarmee je de verschillende communicatiefuncties oefent te modelleren. Dus stop vooral niet!
  • Eén keer modelleren is niet genoeg. Eén keer voordoen is niet genoeg. Je zult woorden of woordcombinaties veelvuldig moeten modelleren voordat de OC-gebruiker ze zelfstandig produceert. Modelleer ze telkens weer.

Breng in kaart brengt welke strategie het beste werkt voor elke afzonderlijke OC-gebruiker. Zo kunnen alle teamleden veel effectiever modelleren. We weten dat modelleren tijd en oefening vergt, maar de voordelen zijn enorm.

Beginnen met modelleren

Modelleren is een continu proces tijdens het OC-traject. Het is een van de belangrijkste strategieën om de OC-gebruiker taal en echte communicatie aan te leren.

Via onderstaande links vind je meer informatie over strategieën om te beginnen met communiceren:

Nu we zijn begonnen met communiceren via OC is het tijd voor de volgende stap: taal en communicatie uitbreiden.

Bronvermelding en links